
“Goede, liefdevolle zorg, bestaat écht”
“Vooraf was ik ontzettend huiverig voor de zorg,” vertelt Ria. “Mijn partner overleed jaren geleden op jonge leeftijd aan dementie in een traditioneel verpleeghuis en de zorg was daar ronduit onacceptabel. Ik beloofde mezelf: die slechte zorg gaat mijn vader nóóit overkomen. Toen pap 95 jaar werd, zag ik dat thuis wonen niet langer verantwoord was. Hij liet bijvoorbeeld maaltijden in de magnetron staan en ik durfde hem niet meer met een gerust hart alleen te laten. Ik sliep steeds vaker bij hem uit angst dat hij 's nachts zou vallen. Via een trajectbegeleider hoorde ik uiteindelijk over Het Gastenhuis. Zodra ik met mijn zwager en nichtje ging kijken, voelde ik direct de warmte. Maar bovenal raakte de visie mij enorm: bewoners de ruimte geven en ze in hun eigenheid respecteren.”
Nieuwe vriend
Haar vader overtuigen vond Ria nog best lastig. Hij woonde immers tot zijn 95ste zelfstandig en werd best wat opstandig toen ze over verhuizen begon. Het afscheid nemen van zijn oude huis viel hem ook nog eens zwaar. Ria vervolgt: “Gelukkig ging hij uiteindelijk wel mee om het huis gewoon eens te bekijken. ‘Dat is hier wel deftig’, zei hij verrast bij binnenkomst. Hij vond de luxe net als in een hotel. En het idee was om zijn nieuwe kamer exact zo in te richten als thuis. Toen hij op de verhuisdag binnenstapte, bekeek hij alles en zei hij: ‘Hoe hebben jullie dat gedaan? Het is net als thuis!’. Pap bloeide helemaal op. Thuis was hij afgevallen, maar hier werd hij weer wat voller. Hij genoot van de verse maaltijden en hielp af en toe mee met de aardappels schillen. Hij liep regelmatig zijn rondjes over de gang, las zijn krant ‘De Limburger’ en bekeek vol trots alle familiefoto’s om hem heen. Tot mijn grote verrassing kreeg hij hier op zijn 97ste zelfs nog een nieuwe beste vriend, Sef, een bewoner van 85 jaar. Zonder al te veel woorden hadden die twee een mooie klik en zochten ze elkaar geregeld op.”
Intens gelukkig
“Pap vertelde dat hij als kind alleen een houten tol had als speelgoed en dat hij daarmee intens gelukkig was,” vervolgt Ria. “Hij leerde ons, zijn kinderen, dat we geen luxe nodig hebben in het leven, maar dat het draait om de basis: veiligheid en liefde. Hij vroeg me geregeld vol ongeloof of hij dit alles eigenlijk wel kon betalen. Gelukkig lukte dat prima, ik wilde niet dat hij zich daar zorgen over maakte, maar het speelde blijkbaar toch door zijn hoofd. Uiteindelijk kreeg pap voor de derde keer een flinke longontsteking, gepaard met hoge koorts. Ik wilde absoluut niet dat hij nog naar het ziekenhuis werd gebracht. Dit was zijn thuis, hier hoorde hij te blijven. De huisarts van Het Gastenhuis was geweldig betrokken en legde heel eerlijk uit dat we medisch moesten ingrijpen om pap een nare lijdensweg te besparen. Het afscheid was puur en waardig. Pap pakte mijn hand vast en die van de arts. ‘Wat fijn dat u er bent’, zei hij nog. Hij overleed uiterst comfortabel in zijn eigen vertrouwde bed. Hier zeiden ze direct: ‘Neem de tijd, jij bepaalt helemaal zelf wanneer je de kamer van je vader leeg wilt halen’. Alle medebewoners konden zo in alle rust afscheid komen nemen. Toen we hem wegdroegen, vormden ze een erehaag en deelden ze symbolisch enkele rozen uit. Hier bij Het Gastenhuis Roermond ervoer ik dat goede, liefdevolle zorg écht bestaat. Het Gastenhuis handelt vanuit oprechte aandacht en niet vanuit strakke protocollen. Mijn vader was intens gelukkig in zijn laatste thuis en ik ben ontzettend dankbaar dat we hem deze autonomie en waardigheid tot het laatste moment konden geven.”