‘Je moet er niet aan denken dat er niks te kiezen is’

‘Je moet er niet aan denken dat er niks te kiezen is’

Zeventien jaar na het overlijden van haar man, redde Ada het niet meer alleen thuis. Gelukkig kwam er een Gastenhuis om de hoek bij haar dochter, letterlijk.

In 2000 overleed Ada’s man. Een groot verlies, want ze deden alles samen. Dat hield ineens op. De eerste jaren vulden familie en vrienden de leegte enigszins op. Maar een voor een vielen zij weg. ‘Het zit niet in mijn moeders karakter om gemakkelijk contact te maken’, vertelt dochter Minouche Vernooy. ‘Ze werd steeds eenzamer.’ In 2016 begon Ada verschijnselen van dementie te vertonen. ‘Ik merkte dat ze haar koffer vreemd had ingepakt toen ze naar Italië vloog voor onze jaarlijkse vakantie samen. Ook thuis klopte er steeds meer niet. Dan trof ik bijvoorbeeld het eten van de avond ervoor nog in de oven aan.’

In dezelfde periode hoorde Minouche dat Het Gastenhuis in haar wijk kwam. ‘Mijn moeder woonde in Nieuwegein, maar Gastenhuis Vleuten is vijf minuten bij mij vandaan. Daar zou mijn moeder dichterbij zijn, minder eenzaam en veilig.’ Ada vond het een goed idee, hoewel er later nog wel strijd om is geweest. ‘De ene week wilde ze wel, de andere niet. Maar ik ben blij dat we het hebben doorgezet. In no time had Vleuten een wachtlijst van tweehonderd man. Hadden we langer gewacht? Dan was er geen keuze meer geweest. Nu woont ze op een plek die goed bij haar past.’

‘Ze krijgt de ruimte voor haar eigen tempo. Het is fijn dat dat kan’

‘Mijn moeder trekt zich graag terug in haar appartement of tuintje. Ze is ook vaak in de gezamenlijke tuin te vinden en wandelt elke dag. In het Gastenhuis kan ze zelfstandig de deur uit, wanneer ze maar wil. In het begin wandelde ze veel met haar buurvrouw. Maar helaas gaat die harder achteruit dan mijn moeder.’ Gelukkig woont Minouche dichtbij. Ada komt soms drie keer per dag aanwippen. Dan gaat ze lekker in de tuin zitten met een krantje, of lopen ze even een rondje. ‘Lang blijft ze nooit. Ze voelt zich verplicht om terug te gaan naar huis. “Anders gaan ze me zoeken”, zegt ze dan. Ze wil me ook niet tot last zijn.’

Minouche heeft vrijwel dagelijks contact met de zorg. ‘Ik kijk elke dag op het extranet. Daarin delen ze korte updates en foto’s. Bijvoorbeeld over hoe mijn moeder de dag is gestart. Dat is fijn.’ Ada heeft niet zoveel met de dagactiviteiten. ‘Ze is een beetje eigenwijs’, lacht Minouche. ‘Maar ik merk dat ze langzamerhand aan meer begint mee te doen. Niet omdat het moet, maar omdat ze het wil. Ze krijgt de ruimte voor haar eigen tempo. Het is fijn dat dat kan.’

Deel dit interview

Blijf op de hoogte

Schrijf je in voor onze halfjaarlijkse nieuwsbrief

    Tarieven

    Wat kost wonen bij een Gastenhuis? En hoe vraag je vergoeding aan vanuit de Wet langdurige zorg?

    Lees meer

    Vacatures

    Deel jij onze visie op dementiezorg? Wij zijn doorlopend op zoek naar zorgtalent op alle niveaus.

    Bekijk onze vacatures