
‘Ik voel me als een vis in het water in deze rol’
Die ambitie is gegroeid in de praktijk. Ze begon ooit als stagiaire in een verzorgingshuis voor blinde en slechtziende ouderen. “Dat was een heel fijne plek om te groeien. Ik had een leidinggevende die voor mij echt een voorbeeld was. Zo van: oké, dit is wat ik voor ogen heb. Ik heb me daar altijd in doorontwikkeld, mezelf uitgedaagd, en uiteindelijk ook een sturende rol op me genomen.” Toch voelde ze zich op een gegeven moment niet meer op haar plek in de reguliere zorg. “Ik wilde echt die uitdaging voor mezelf en de sturende rol. Die had ik wel in het team zelf maar in de reguliere zorg heb je te maken met verschillende lagen en uiteindelijk was dat niet meer passend.” Ze besloot de zorg tijdelijk los te laten en ging aan de slag op kantoor. “Ik heb daar een jaar administratief werk gedaan. Ik heb veel geleerd en dat was best leuk om daar kennis mee te maken, maar niet voor mij. Mijn hart ligt toch echt bij het zorgen voor en werken met bewoners.”
Van oproepkracht naar trainee
De terugkeer naar de zorg begon klein. Na de coronapandemie solliciteerde ze op de functie van oproepkracht in Het Gastenhuis Kerkdriel. De flexibiliteit die bij deze functie kwam kijken was destijds zeer gunstig. Maar al snel werd duidelijk dat oproepwerk haar niet genoeg uitdaging bood. “Dat stukje natuurlijk leiderschap zit gewoon in mij. Dus ik zat constant te denken hoe kan ik het team verbeteren. Maar als oproep ben je minder aanwezig en minder betrokken.” Ze kreeg een vast contract, ging meer uren werken en pakte twee jaar lang steeds vaker een coördinerende rol. “Toen zei een van de twee toenmalige locatiemanagers in Kerkdriel: als ik ooit stop, mag jij op mijn plek. Het team zei ook: als iemand het kan, ben jij het. Toen begon dat vuurtje weer te branden.”
Ze startte haar traineeship in Druten. “Daar heb ik veel gesprekken gevoerd met locatiemanagers Jack en Nora. Zij hebben Het Gastenhuis Druten vanaf het begin meegemaakt. Ik heb daar veel geleerd.” Toch verhuisde ze na drie weken naar Nijmegen, waar een nieuwe locatie net opende. Wat begon als een paar weken, groeide uit tot een half jaar. “Ik hoorde dat Corien alleen zat in Nijmegen. Toen zei ik, hoe mooi is het om haar te ondersteunen. De klik is gewoon heel erg goed.”
Een huis bouwen met elkaar
Carla voelt zich betrokken bij elk onderdeel van het huis. Toen ze in Nijmegen kwam was het nog allemaal groeiend. “Ik heb een grote rol kunnen spelen in het opzetten van activiteiten. Dat was toen ik hier kwam nog allemaal zoekende ‘hoe gaan we dat doen?’ ‘Hoe gaan we dat vormgeven?’.” Ook in het leertraject krijgt ze ruimte. ““In de zorg voel ik me zeker. Ik weet wat er nodig is. Maar de bedrijfsvoering is voor mij nog nieuw.” Gelukkig krijgt ze daar veel begeleiding in. “Corien neemt mij mee in alles: het rooster, de planning, het budget. Stap voor stap ga ik steeds zelfstandiger werken.” Wat haar traineeship bijzonder maakt, is de brede ervaring die ze opdoet. Als trainee krijg je de kans om verschillende huizen te zien, verschillende teams, verschillende manieren van werken. Dat helpt je om te ontdekken wat bij je past. Ze leert niet alleen over leidinggeven, maar ook over budgettering en organisatie. “Ik ben niet zo van de cijfertjes, maar ik wil het wel begrijpen. Gelukkig is er een Excel-bestand dat ondersteuning heeft in het uitrekenen van je informatie.” lacht ze.
Haar droom? Samen met haar partner een locatie van Het Gastenhuis runnen. “We vullen elkaar goed aan. En het zou mooi zijn om iets dichter bij huis te werken. Ik woon in Kerkdriel en werk in Nijmegen. Als er iets is, kun je daar niet zomaar even binnenstappen. Dat mis ik wel een beetje. Want het voelt toch als je kindje.”
Elke dag is anders, en dat is precies goed
Op de vraag wat haar werk zo mooi maakt, noemt Carla de kleine momenten. “Even een spontaan gesprekje met een bewoner, daar word ik warm van. Die kleine dingen maken het verschil. En ik geniet ook van de activiteiten buiten het huis. We gaan met bewoners naar Warmoes of naar het lunchconcert wat maandelijks aangeboden wordt in de stadsschouwburg de Vereeniging, maar ook een rondje fietsen of een boodschap halen, is al heel fijn dat dit gewoon kan. Dat vind ik het mooiste, de dagelijkse dingen die ze gewend zijn om te doen, dat ze die kunnen blijven doen.” Het contact met de wijk speelt daarin ook een grote rol. “We hebben nu een klein groepje bewoners dat naar de sportschool gaat. Er zijn ook een aantal bewoners bij ons die nog elders gaan sporten zoals golfen, ja hoe mooi is dat, dat dat gewoon kan. Ik word er zo blij van dat ik daaraan kan bijdragen, dat je contact gaat maken met de buurt.
Elke dag is anders, en dat is precies wat Carla zo aanspreekt. “Elke dag proberen we een aantal dingen in onze agenda af te vinken, maar als dat niet zo is, is het ook goed. Als iedereen tevreden is op een dag als wij gedag zeggen, dan ben ik ook tevreden.”
Een plek waar je jezelf mag zijn
Wat maakt werken bij Het Gastenhuis zo bijzonder? Carla hoeft daar niet lang over na te denken. “Het is kleinschalig, iedereen is betrokken. Iedereen heeft zijn eigen functie en kwaliteit, maar je bent gewoon jezelf. Ik pak ook een doekje als de wc vies is. We doen het gezamenlijk. We kijken niet naar functies, dat vind ik echt Het Gastenhuis.” Ze merkt dat hiërarchie hier nauwelijks een rol speelt. “En dat zie je nog wel steeds in de reguliere zorg dat die hiërarchie nog steeds aanwezig is. Ik vind wel dat ze daar slagen in maken, dat ze het wel proberen te veranderen. Maar Het Gastenhuis doet het al. Je moet ook wel anders gaan denken, je moet echt afschalen, de rust erin brengen. Bijvoorbeeld in de ochtend, niet iedere bewoner wil vroeg opstaan. De ene bewoner komt om half acht en de ander komt pas om 11 uur. Alles is goed.”
Ze sluit haar verhaal af met een boekentip: VerpleegThuis van Teun Toebes. “Dat boek kreeg ik cadeau toen ik trainee werd. En het klopt gewoon. Dat ís Het Gastenhuis. Dat is echt een inspiratiebron voor mij.”