28 maart 2018geplaatst door Trudie en Ronald Zwiers

We vroegen Melissa, leerling-verzorgende in ons Gastenhuis, hoe zij het dagelijks leven in Gastenhuis Dordrecht ervaart. In dit bericht illustreert ze haar ervaringen met drie mooie voorbeelden.

De was

In het Gastenhuis heeft iedere bewoner zijn of haar eigen wasmand. Iedere ochtend staan deze bij de appartementen. Ze bevatten twee schone handdoeken en washandjes en de eigen kledingstukken die gewassen zijn. Na de ochtendzorg wordt alle vuile was in de wasruimte verzameld, gesorteerd en gewassen. Na de lunch halen we de inmiddels droge was van boven en zetten we de wasmand op tafel in de woonkamer. Zo kan iedereen die dat wil, meehelpen.

Zo woont er bij ons met veel plezier een dame van 71 jaar oud. Ze vindt het heerlijk om onder de mensen te zijn en is vaak nieuwsgierig naar alles wat er uitgevoerd wordt. Wanneer iemand haar vraagt om te helpen, geeft ze altijd aan of ze hier wel of geen zin in heeft. Maar bijna altijd helpt ze maar al te graag mee. Haar motto is dan ook: ‘samen ben je gauw klaar!’ Ze heeft altijd haar eigen manier van opvouwen en doet dit met veel liefde en zorg. Ze is zelf erg netjes en opgeruimd en ze wil dan ook graag dat de schone was netjes bij de andere bewoners terecht komt. Soms is ze wat in de war en heeft ze een voorbeeld nodig van hoe je de handdoeken op de ‘juiste’ manier vouwt. Maar natuurlijk is er geen officiële juiste manier. Het vouwen van de was gaat gewoon op de manier die mevrouw op dat moment hanteert. Er is geen goed en fout. Ik vind het belangrijk dat mevrouw ook bij het vouwen van de was in haar waarde gelaten wordt en dus stimuleer ik haar de was te vouwen op de manier waarvan zij denkt dat het goed is. Als alle was gevouwen is, brengen we deze naar het washok en voorzien we iedere bewoner van schone handdoeken en washandjes.

Bloemen

Mevrouw S. is 65 jaar oud. Ze heeft twee kinderen en is altijd erg vrolijk. Voorheen zong ze in een koor en ze vult de woonkamer van het Gastenhuis dan ook graag met haar gezang. Ze vindt het gezellig om mensen om zich heen te hebben, maar geniet ook enorm van een-op-een aandacht. Ik vind het erg leuk haar te begeleiden bij het verzorgen van de bloemen.

Iedere week halen we verse bloemen in huis van de bloemenkraam die in de binnenstad op de markt staat. Op vrijdag of zaterdag worden de bloemen gehaald door een medewerker. In dit geval ben ik dat. We nemen altijd een of meerdere bewoners mee om de bloemen uit te kiezen. Samen met mevrouw S. ga ik naar de bloemenkraam en zoeken we genoeg bloemen uit om vijf vazen te kunnen vullen. Helemaal zelfstandig lukt dit vullen van de vazen haar niet meer. Daarom laat ik haar kleine onderdelen van het verzorgen van de bloemen uitvoeren Wanneer we terug zijn van de markt, zorg ik dat alle vazen gevuld met water en een drupje bleek op tafel staan. Ook zorg ik voor een snijplank en een mesje om de bloemen af te snijden. Het snijden doe ik zelf en ik leg haar uit hoe zij het overbodige blad van de bloemen haalt. Het schikken van de bloemen laat ik wel geheel aan haar over. Want het is belangrijk dat iedere bewoner op zijn of haar eigen manier bijdraagt aan het leven in het Gastenhuis. En dus ook aan hoe de bloemen erbij staan op dat moment. Wanneer ik zie dat de ene vaas veel bloemen bevat, terwijl de andere vaas bijna leeg is, zal ik haar wel stimuleren dit beter te verdelen. En als ze me niet begrijpt, zal ik het haar voordoen zodat ze mijn voorbeeld kan volgen.

In gesprek met familie

Wat me opvalt in de gesprekken met mantelzorgers is dat ze altijd erg lovend zijn over het Gastenhuis. Ze vinden het hier rustig, gezellig en huiselijk. Maar ook over het personeel en de omgang met de bewoners en hun familie zijn ze heel erg tevreden. Het Gastenhuis doet haar naam echt eer aan. Iedereen krijgt er een warm welkom.

Bij een van de twee mantelzorgers met wie ik spreek, heerst duidelijk rust en tevredenheid over de (woon)situatie van haar moeder. Een verhuizing hakt er altijd in, maar het integreren in de nieuwe woonomgeving is erg meegevallen. Bij de andere mantelzorger lig dat iets anders. Hij heeft moeite met de verhuizing van zijn vrouw. Het is voor hem lastig te accepteren dat het proces van dementie steeds verder gaat, en dat haar lichaam en geest steeds verder achteruit gaan. Toch ziet hij ook de goede kanten van de verhuizing in. Zijn vrouw heeft met een aantal bewoners een goede klik en kan erg genieten van hun aandacht en aanwezigheid.

Wat erg mooi is om te zien, is hoe gelukkig de bewoners zijn wanneer hun mantelzorger/familielid binnenkomt. Er is altijd herkenning en je ziet ook dat ze altijd erg genieten van de aanwezigheid van hun naaste. In de gesprekken die ik heb, geven de mantelzorgers aan dat ze het prettig vinden dat ook zij vrijgelaten worden in wat zij willen en kunnen doen met de bewoners. Willen zij buiten een rondje lopen? Prima! Willen zij uit eten of mee eten in het Gastenhuis? Ook prima.

Door de gemoedelijke sfeer en het feit dat bewoners duidelijk gelukkig zijn met hun bezoek, kost het mantelzorgers geen of weinig moeite om op bezoek te komen. Wat ze duidelijk aangeven is dat ze het prettig vinden dat er altijd iemand van het personeel klaarstaat om hen te woord te staan wanneer zij dit nodig hebben. Het zorgechtpaar speelt hier ook een grote positieve rol in. Er kan overal over gesproken worden. Maar het belangrijkste is dat mantelzorgers altijd een eerlijk antwoord van hen krijgen. Hierdoor is het duidelijk waar iedereen aan toe is. Dat is wel eens lastig om te accepteren. Maar uiteindelijk geeft het ook een hoop rust.